Kringloopwinkel De Groene Sluis Lelystad

Kringloopwinkel De Groene Sluis in Lelystad
‘Hoi opa’ hoor ik mijn kleindochter roepen ‘waar ga je naar toe met je tas?’ ‘Opa gaat naar de kringloopwinkel’ antwoord ik haar. ‘De Kringloopwinkel? Moet je daar kringetjes lopen? ‘ vraagt ze lachend. ‘Nee, nee’ roep ik ‘ik ga daar een aantal interviews afnemen van vrijwilligers voor een jubileumboek.’ ‘Oh, leuk’ roept ze ‘veel succes.’
Ik stuur mijn auto richting Industrieterrein Noordersluis, Zuiveringweg 83. Ben weleens in een tweedehands winkel geweest maar nooit eerder bij De Groene Sluis. Ik herinner mij dat ik in een kringloopwinkel een houten beeld zag staan waarvan ik dacht: ‘De houtwormen geven elkaar een hand om de boel bij elkaar te houden. Bovendien had ik altijd het idee overal jeuk te hebben als ik naar binnen ging…’
Aangekomen op de Zuiveringweg was de parkeerplaats geheel bezet. Zou het zo druk zijn binnen? vraag ik mij af. ‘Ik hoop dat ze tweedehands parkeerplaatsen verkopen’ mompel ik in mijzelf. Gelukkig loopt een dame, met in haar handen een klein beeldje, naar haar auto. ‘Gaat u weg?’ vraag ik haar netjes. Ze glimlacht en zegt ‘Ja hoor mijn schatzoeken is weer gelukt, ik heb mijn designbeeldje binnen.’ Ik stuur mijn auto achter haar aan de parkeerplaats op. Ze stopt bij een wat ik noem: een dikke vette Mercedes en stapt in. Gek, zo’n dame met zo’n auto had ik hier eigenlijk niet verwacht. Ik parkeer mijn auto op haar plek en loop toch wat verbouwereerd naar de voorkant van het gebouw.
Binnengekomen denk ik: Ik ben wat vroeg voor mijn afspraak dus ik ga maar eens een kringetje lopen in de kringloopwinkel. Denkend aan de opmerking van mijn kleindochter. Wat mij direct opvalt is de gezellige drukte doch ook de serene rust die er heerst in de winkel.
Ik loop direct rechtsaf en kom in een hoek met allemaal verschillende artikelen. Netjes gegroepeerd en tentoongesteld.
Ik zie een heer die zichzelf in een mooie oude spiegel staat te bekijken. Ik kan het niet laten en zeg: U moet uw ogen eens dichtslaan, dan kunt u zien hoe u eruit ziet als u slaapt. Ik moet glimlachen om mijn eigen grap, de oude heer vindt het minder grappig. Ik zie een dame die duidelijk geïnteresseerd is een nog nieuw uitziende strijkijzer. Een andere dame zie ik dat ze met een stofzuiger gaat strijken. Geweldig om allemaal te zien wat er om mij heen gebeurt.
Een heer heeft een thermoskan in zijn handen en bekijkt hem van onder tot boven. Ik denk leuk te zijn en vraag: ‘Hoe weet die thermoskan nou of de drank warm of koud moet blijven?’ De man kijkt mij een beetje vreemd aan, ik zie hem denken: ‘Die spoort niet helemaal.’
Doorlopend zeg ik in mijzelf: ‘Het is toch eigenlijk geweldig dat men van het verleden weer een toekomst maakt?’ Ik zie een jongen die beeldschermen van computers staat te poetsen. ‘Zijn ze allemaal nog in werking?’ vraag ik hem. ‘Uiteraard’ zegt de man trots ‘alles wat de winkel in komt is nagekeken en/of gereviseerd. Nu alleen nog even de windows cleanen’ zegt hij lachend. Leuk enthousiast joch. Zo hoort het te zijn bedenk ik mij.
De afdeling met kleding ziet er zeer verzorgd uit. Alles keurig netjes op hangertjes aan het rek. Er wordt druk tussen de rekken gezocht naar kleur, model en maat. Ik hoor een dame zeggen: ‘Een vrouw die volgens de laatste mode gekleed wil gaan, moet naar Parijs of naar De Groene Sluis.’ Ik geniet van haar opmerking. Een dame die naast haar staat zegt: ‘Als we een zomer krijgen die bij dit jurkje past, mogen we niet klagen. ‘De dames proesten het uit van het lachen. Een andere dame vraagt aan een medewerkster: ‘Zou ik dat blauwe jurkje in de etalage mogen passen? ‘ ‘Natuurlijk’ zegt de vrijwilligster ‘maar we hebben ook een pashokje hoor!’ Ze verkopen hier duidelijk ook “lolbroeken” op deze afdeling bedenk ik mij en ik geniet van de opmerkingen.
Er staat een, zo te zien, gezellige tafel waar een aantal mensen aan de koffie en thee zitten. Een ontmoetingsplek, denk ik bij mezelf. Mensen die hier waarschijnlijk regelmatig komen om een “bakkie” te doen. En terwijl ik langsloop zeg ik: ‘Gezellig zo met z’n allen.’ ‘Ach’ zegt een dame ‘zo af en toe koop ik hier iets, maar meestal kom ik voor een gezellig of levensbeschouwend praatje.’ Een heer tegenover haar zegt: ‘Er komen hier mensen van allerlei pluimage. En ieder persoon is een deur tot een andere wereld. Heerlijk om mee te filosoferen.’ Ik knik, groet en wens hun een fijne dag.
In de hoek achterin liggen keurig losse onderdelen van alle soorten auto’s en fietsen in bakken. Er is een heer bezig een fiets te repareren. Ik zeg: ‘Mocht het een elektrische fiets zijn, vergeet dan niet de dynamo van het wiel af te halen anders zal hij morgen niet starten.’ De man begrijpt mijn grap en zegt: ‘Fiets kopen meneer, u weet op een oude fiets…’ We schieten samen in een lach. Ik begin het hier aardig naar mijn zin te krijgen, het is gewoon een feestje.
Een jonge man staat met een vishengel in zijn handen. ‘Mooi hengeltje’ zeg ik hem toe ’ga je wel eens vissen?’ ‘Soms’ antwoordt hij ‘ik ben eigenlijk een mooi weer visser.’ ‘Ah’ zeg ik ‘zal ik je eens een tip geven?’ ‘Graag’ zegt de jongen. ‘Als het regent moet je onder een brug gaan vissen. Daar gaan alle vissen naar toe om te schuilen’ probeer ik hem wijs te maken. ‘Nooit van gehoord’ zegt hij ‘ga ik toch eens proberen.’ Ik loop tevreden door. Er staan een aantal wasmachines en drogers in een rij. Het is mij wel duidelijk, de wasmachines en waspoeders wassen en schonen in de toekomst zo snel dat het niet meer de moeite is om iets vuil te maken… Je kunt je daarbij natuurlijk afvragen: ‘Waarom werkt men in Godsnaam aan de toekomst? Het verleden is nog lang niet klaar!
In het midden van de winkel zijn de stoelen, kasten en bankstellen gesitueerd. Keurig netjes met genoeg ruimte om even plaats te nemen. Dat doe ik dan ook. Er komt een meneer naast mij zitten. Hij zegt: ‘mooi spulletje, hè?’ ik knik, moet hem gelijk geven, al is het mijn smaak niet, het ziet er allemaal pico bello uit. ‘Wat doet u voor de kost?’ vraag ik de man. Hij antwoordt: ‘Ik verkoop dit soort meubelen.’ ‘Oh, leuk’ zeg ik ‘en brengt het nog wat op?’ ‘Gaat wel’ antwoordt hij ‘alleen is mijn kamer thuis wel heel erg leeg.’ ‘Thuis? Leeg?’ vraag ik verwonderd. ‘Ja, oh, u denkt dat ik hier werk? Nee hoor ik kom hier iets anders uitzoeken. Er gaat nu een lampje bij mij rinkelen, ik ga het langzaam begrijpen. ‘Zit er iets van uw gading bij? vraag ik.’ ‘Ach’ zegt de man ‘alles komt op tijd voor hem die wachten kan.’ Met deze wijze woorden in het achterhoofd kijk ik naar een aantal bedden die netjes op een slaper staan te wachten. Gaat er toch weer een vreemde gedachte door mij heen: ‘Zo’n bed omvat een heel leven. We worden er in geboren, we leven/slapen erin en we zullen er in sterven. Er was eens een man die zijn bed wilde verkopen, maar hij werd ziek en moest het bed houden. Zo zit ik heerlijk te mijmeren in de oude doch nog uitstekende fauteuil. Val bijna in slaap. Maar ik moet verder, over een half uur is mijn afspraak.
Ik zie een dame bij de afdeling speelgoed staan. Ik spreek haar aan en zeg: ‘Het meeste speelgoed is volgens mij al stuk voor de batterij op is.’ ‘Och’ antwoordt ze glimlachend ‘onbreekbaar speelgoed moet nog uitgevonden worden en dat zou voor ons jammer zijn. We repareren alles zelf bij De Groene Sluis. Wilt u misschien een mooi speelgoedje kopen voor bijvoorbeeld uw kleinkinderen of een mooi bordspel voor uzelf?’ vraagt ze mij. Ik zeg: ‘Ik ben zo’n gierigaard die zijn speelgoed heeft bewaard voor de dag dat ik weer kinds word.’ De dame schiet in een lach, ze antwoordt: ‘Inderdaad men stopt niet met spelen omdat men oud wordt, maar men wordt oud omdat men stopt met spelen.’ Ik moet even nadenken over haar opmerking, maar hij is binnen gekomen.
Ik groet haar en wandel door naar de afdeling boeken. ‘Phoe’ hoor ik mijzelf zeggen ‘wat een gigantische verzameling aan alle soorten boeken.’ Ik zie een wat oudere man gelukkig zijn met een stripboek van Ollie B. Bommel. ‘Gek op Tom Poes?’ vraag ik hem plagend. ‘Och meneer’ antwoordt hij ‘ik heb bijna alles van Marten Toonder, maar deze strip had ik nog niet. Mijn dag kan niet meer stuk.’ Ik zie een man met wel vijf of zes boeken onder de armen naar de kassa strompelen. Ik denk: ‘Dit noemt men dus een boekhouder. ’Ik moet glimlachen om mijn eigen woordspeling en zeg tegen de man: ‘Je moet niet alles lezen wat je gelooft…’ Ik zie hem nadenken.
Ik begeef mij langzaam naar de volgende afdeling, de muziekafdeling. Tjonge wat een keuze. LP’s, CD, DvD’s en muziekinstrumenten. Als platenverkoper moet je hier toch over je 33 toeren raken van zoveel LP’s. Als je in de tijd terug wilt reizen, is de muziek die men hier verkoopt, de zekerste en veiligste weg.
Tevreden schuifel ik richting in- en uitgang waar ook de kassa zich bevindt. Er staat een korte rij aan mensen om af te rekenen en ik denk: ‘Ja, er bestaat geen beter middel om vooruit te komen dan in de rij te gaan staan.’
Ik zie de dame aankomen lopen voor mijn afspraak en mompel nog even in mezelf: ‘Zoek je een beroep met toekomst? Word Kringloopmedewerker!’
Ger Koreman

Kempenaar 2644
8231 CL Lelystad
Plan je route